Wiskunde.netLogo Wiskunde


Uitwerking §2.1 Lineair verband: opgave 1

Boek: Getal & Ruimte - Verbanden VMBO 4 (deel 1) 13e editie, 2024

Video / Tekstuele uitwerking...


Antwoord / uitwerking:

Opgave 1

Bij een lineair verband is de grafiek altijd een rechte lijn.

Bekijk de vier grafieken:

Grafiek A: dit is een rechte, dalende lijn. Deze grafiek hoort dus bij een lineair verband.

Grafiek B: deze grafiek bestaat uit meerdere lijnstukken met verschillende richtingen. Het is geen rechte lijn en dus geen lineair verband.

Grafiek C: deze grafiek is gebogen. Dit is dus geen lineair verband.

Grafiek D: dit is een rechte, stijgende lijn. Deze grafiek hoort dus bij een lineair verband.

Dus de juiste grafieken zijn: \[ \boxed{\text{A en D}} \]
Tip:
Tip 1. Bij een lineair verband is de grafiek altijd een rechte lijn.
Tip 2. Een rechte lijn mag zowel stijgen als dalen.
Tip 3. Een grafiek met een knik of een kromming hoort niet bij een lineair verband.
Tip 4. Examentip. Kijk bij dit soort vragen eerst naar de vorm van de grafiek: alleen een rechte lijn kan bij een lineair verband horen.

Heb je een vraag of opmerking over deze uitwerking?
Laat ons weten wat je van deze uitwerking en Wiskunde.net vindt. Ben je tevreden? We horen het graag! Klik hier om je opmerking te plaatsen...
   
Opgave 1
Opgave 2
Opgave 3
Opgave 4
Opgave 5
Opgave 6
Opgave 7
Opgave 8
Opgave 9
Opgave L1 blz. 95

Lineair verband
×

Groen uitlegblok per bladzijde:
Blz 91: Lineair verband (01:33)

Andere paragrafen:
2.1. Lineair verband (1 t/m 9)
2.2. Kwadratisch verband (10 t/m 17)
2.3. Machtsverband (18 t/m 25)
2.4. Wortelverband (26 t/m 37)
2.5. Exponentieel verband (38 t/m 60)
2.6. Exponentiële groei (61 t/m 77)
2.7. Trainen op examenniveau (78 t/m 83)
2.D. D-toets (1 t/m 10)


Leerdoelen paragraaf: Lineair verband:
1. Je kunt herkennen of een grafiek bij een lineair verband hoort.
2. Je kunt het begingetal van een lineair verband bepalen.
3. Je kunt de richtingscoëfficiënt berekenen met de verandering per eenheid.
4. Je kunt bepalen of de richtingscoëfficiënt positief of negatief is.
5. Je kunt een lineaire formule maken met het begingetal en de richtingscoëfficiënt.
6. Je kunt een lineaire formule maken als twee punten of twee situaties gegeven zijn.
7. Je kunt een lineaire formule maken bij een situatie met een vast bedrag en een bedrag per eenheid.
8. Je kunt met een lineaire formule een waarde berekenen.
9. Je kunt uitleggen wat de variabelen en getallen in een lineaire formule betekenen.
10. Je kunt aan een grafiek beoordelen of een lineair model nog bij de werkelijke situatie past.


Geef je mening aan ons:
Review
Tevreden? Laat het ons weten!
Schrijf een review...
Jurgen de Bont Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda   
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!   

Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde. Hierboven vind je de video-uitleg van §2.1 Lineair verband opgave 1 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video. Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
Succes verzekerd!

Met wiskundige groet,
Jurgen de Bont & Martijn Claassen & Bob Pruiksma, docenten Wiskunde onder- en bovenbouw