Uitwerking §2.D D-toets: opgave 3
Boek: Getal & Ruimte - Verbanden VMBO 4 (deel 1) 13e editie, 2024Video / Tekstuele uitwerking...
Antwoord / uitwerking:
Gegeven is de formule: \[ G=0{,}2L^3 \] Hierin is \(G\) het gewicht in grammen en \(L\) de lengte in centimeters.
a.
We vullen de waarden van \(L\) in de formule in.
Voor \(L=0\): \[ G=0{,}2\cdot0^3=0 \] Voor \(L=5\): \[ G=0{,}2\cdot5^3=25 \] Voor \(L=10\): \[ G=0{,}2\cdot10^3=200 \] Voor \(L=15\): \[ G=0{,}2\cdot15^3=675 \] Voor \(L=20\): \[ G=0{,}2\cdot20^3=1600 \] Voor \(L=25\): \[ G=0{,}2\cdot25^3=3125 \] De tabel wordt:
| \(L\) (cm) | 0 | 5 | 10 | 15 | 20 | 25 |
| \(G\) (grammen) | 0 | 25 | 200 | 675 | 1600 | 3125 |
b.
Voor de verticale as kiezen we \(0\) tot \(4000\) gram, met stappen van \(500\) gram.
De grafiek van \(G=0{,}2L^3\) is:
c.
We zoeken de lengte waarbij het gewicht ongeveer \(500\) gram is.
Probeer \(L=13{,}5\): \[ G=0{,}2\cdot13{,}5^3=492{,}075 \] Dit is iets minder dan \(500\) gram.
Probeer \(L=13{,}6\): \[ G=0{,}2\cdot13{,}6^3=503{,}0912 \] Dit is iets meer dan \(500\) gram en ligt dichter bij \(500\) dan \(492{,}075\).
De lengte van de vis is dus: \[ \boxed{13{,}6\text{ cm}} \]
Tip:
Tip 1. Gebruik voor de tabel steeds de formule \(G=0{,}2L^3\).
Tip 2. Vul voor \(L\) achtereenvolgens \(0\), \(5\), \(10\), \(15\), \(20\) en \(25\) in.
Tip 3. Kies voor de verticale as een schaal die tot boven \(3125\) gram loopt. Een schaal van \(0\) tot \(4000\) gram is geschikt.
Tip 4. Zet de berekende punten in het assenstelsel en teken er een vloeiende kromme doorheen.
Tip 5. Zoek bij onderdeel c welke waarde van \(L\) een gewicht geeft dat het dichtst bij \(500\) gram ligt.
Examentip. Als het antwoord op één decimaal moet, controleer dan twee opeenvolgende waarden met één decimaal rond de gezochte waarde.
Tip 1. Gebruik voor de tabel steeds de formule \(G=0{,}2L^3\).
Tip 2. Vul voor \(L\) achtereenvolgens \(0\), \(5\), \(10\), \(15\), \(20\) en \(25\) in.
Tip 3. Kies voor de verticale as een schaal die tot boven \(3125\) gram loopt. Een schaal van \(0\) tot \(4000\) gram is geschikt.
Tip 4. Zet de berekende punten in het assenstelsel en teken er een vloeiende kromme doorheen.
Tip 5. Zoek bij onderdeel c welke waarde van \(L\) een gewicht geeft dat het dichtst bij \(500\) gram ligt.
Examentip. Als het antwoord op één decimaal moet, controleer dan twee opeenvolgende waarden met één decimaal rond de gezochte waarde.
|
|
Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda
|
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!
Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde.
Hierboven vind je de video-uitleg van §2.D D-toets opgave 3 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video.
Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
|

Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda