Uitwerking §4.D D-toets: opgave 3
Boek: Getal & Ruimte - Formules en vergelijkingen VMBO 4 (deel 1) 13e editie, 2024Video / Tekstuele uitwerking...
Antwoord / uitwerking:
a.
De eerste trede loopt van dag 0 tot dag 7.
De hoogte van deze trede is 1 cm.
Dit betekent dat de kakkerlak van 0 tot 7 dagen een lengte van 1 cm heeft.
b.
We zoeken dag 10 op de horizontale as.
Dag 10 ligt op de tweede trede. Bij deze trede hoort een lengte van 1,5 cm.
Dus na 10 dagen is de kakkerlak: \[ \boxed{1{,}5\text{ cm}} \] lang.
c.
Een kakkerlak kan pas langer worden als hij vervelt.
Iedere sprong naar een hogere trede betekent dus dat de kakkerlak één keer is verveld.
In de grafiek zien we 4 sprongen omhoog.
Dus tijdens het onderzoek vervelde de kakkerlak: \[ \boxed{4\text{ keer}} \]
Tip:
Wat moet je herkennen?
Dit is een trapgrafiek. Een horizontaal stukje betekent dat de lengte een tijdje hetzelfde blijft. Bij een sprong naar een hogere trede is de kakkerlak verveld en langer geworden.
Veelgemaakte fout
Tel bij onderdeel c niet het aantal treden, maar het aantal sprongen naar een volgende trede. Er zijn 5 treden, maar de kakkerlak vervelt 4 keer.
Tip 1. Lees bij de eerste trede af welke lengte hoort bij dag 0 tot dag 7.
Tip 2. Zoek voor dag 10 eerst 10 op de horizontale as.
Tip 3. Kijk daarna op welke trede dag 10 ligt en lees de lengte af.
Tip 4. Een kakkerlak wordt pas langer als hij vervelt. Iedere sprong omhoog betekent dus één vervelling.
Tip 5. Tel voor onderdeel c alle sprongen omhoog in de grafiek.
Examentip. Bij een trapgrafiek blijft de waarde tijdens een trede gelijk. Een verandering zie je aan de sprong naar een volgende trede.
Wat moet je herkennen?
Dit is een trapgrafiek. Een horizontaal stukje betekent dat de lengte een tijdje hetzelfde blijft. Bij een sprong naar een hogere trede is de kakkerlak verveld en langer geworden.
Veelgemaakte fout
Tel bij onderdeel c niet het aantal treden, maar het aantal sprongen naar een volgende trede. Er zijn 5 treden, maar de kakkerlak vervelt 4 keer.
Tip 1. Lees bij de eerste trede af welke lengte hoort bij dag 0 tot dag 7.
Tip 2. Zoek voor dag 10 eerst 10 op de horizontale as.
Tip 3. Kijk daarna op welke trede dag 10 ligt en lees de lengte af.
Tip 4. Een kakkerlak wordt pas langer als hij vervelt. Iedere sprong omhoog betekent dus één vervelling.
Tip 5. Tel voor onderdeel c alle sprongen omhoog in de grafiek.
Examentip. Bij een trapgrafiek blijft de waarde tijdens een trede gelijk. Een verandering zie je aan de sprong naar een volgende trede.
|
|
Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda
|
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!
Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde.
Hierboven vind je de video-uitleg van §4.D D-toets opgave 3 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video.
Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
|

Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda