Wiskunde.netLogo Wiskunde


Uitwerking §5.5 Hoek berekenen met goniometrie: opgave 31

Boek: Getal & Ruimte - Goniometrie VMBO 3 (deel 1) 13e editie, 2024

Video / Tekstuele uitwerking...


Antwoord / uitwerking:

Driehoek ABC A B C 25 mm 35 mm ?
a.
We kijken vanuit \(\angle B\).

Zijde \(AC\) ligt tegenover \(\angle B\).

Dus \(AC\) is de overstaande rechthoekszijde van \(\angle B\).

Zijde \(BC\) ligt tegenover de rechte hoek.

Dus \(BC\) is de schuine zijde van driehoek \(ABC\).

b.
We kennen de overstaande rechthoekszijde en de schuine zijde.

Daarom gebruiken we de sinus.

c.
Bij de sinus geldt: \[ \sin(\angle B)= \frac{\text{overstaande rechthoekszijde}} {\text{schuine zijde}} \] Invullen geeft: \[ \sin(\angle B)=\frac{25}{35} \] Gebruik sin-1 op de rekenmachine: \[ \angle B= \sin^{-1}\left(\frac{25}{35}\right) \] \[ \angle B=45{,}5\ldots^\circ \] Afronden op hele graden geeft: \[ \boxed{\angle B=46^\circ} \] Dus \(\angle B\) is 46°.
Tip:
Tip 1. Kijk eerst vanuit de hoek die je wilt berekenen.
Tip 2. Bepaal welke twee zijden gegeven zijn.
Tip 3. Je kent hier de overstaande rechthoekszijde en de schuine zijde.
Tip 4. Bij overstaande en schuine zijde gebruik je de sinus.
Tip 5. Gebruik sin-1 op je rekenmachine om de hoek te berekenen.
Examentip. Bepaal eerst welke zijden je kent. Daarmee kun je kiezen tussen sinus, cosinus en tangens.

Heb je een vraag of opmerking over deze uitwerking?
Laat ons weten wat je van deze uitwerking en Wiskunde.net vindt. Ben je tevreden? We horen het graag! Klik hier om je opmerking te plaatsen...
   
Opgave 29
Opgave 30
Opgave 31
Opgave 32
Opgave 33
Opgave 34
Opgave 35
Opgave 36
Opgave 37
Opgave 38
Opgave 39
Opgave 40
Opgave 41
Opgave 42
Opgave 43
Opgave 44
Opgave 45
Opgave 46
Opgave L5 blz. 255
Opgave L6 blz. 255

Hoeken berekenen met goniometrie Hoeken benoemen met drie hoofdletters
×

Groen uitlegblok per bladzijde:
Blz 248: Hoeken berekenen met goniometrie (03:31)
Blz 253: Hoeken benoemen met drie hoofdletters (04:43)

Andere paragrafen:
5.1. Namen rechthoekszijden (1 t/m 7)
5.2. Hoek berekenen met sinus (8 t/m 14)
5.3. Hoek berekenen met cosinus (15 t/m 21)
5.4. Hoek berekenen met tangens (22 t/m 28)
5.5. Hoek berekenen met goniometrie (29 t/m 46)
5.6. Hoeken berekenen in ruimtefiguren (47 t/m 57)
5.7. Trainen op examenniveau (58 t/m 63)
5.D. D-toets (1 t/m 9)


Leerdoelen paragraaf: Hoek berekenen met goniometrie:
1. Rechthoekige driehoek herkennen
Ik kan in een driehoek de rechte hoek herkennen.
2. Zijden benoemen
Ik kan vanuit een hoek de overstaande rechthoekszijde, de aanliggende rechthoekszijde en de schuine zijde benoemen.
3. Sinus, cosinus of tangens kiezen
Ik kan bepalen welke goniometrische verhouding ik moet gebruiken.
4. Een hoek berekenen
Ik kan met sinus, cosinus of tangens een onbekende hoek berekenen.
5. Drieletternotatie gebruiken
Ik kan een hoek correct opschrijven met drie letters.
6. Hoeken correct benoemen
Ik kan bij een figuur bepalen welke genummerde hoek wordt bedoeld.


Geef je mening aan ons:
Review
Tevreden? Laat het ons weten!
Schrijf een review...
Jurgen de Bont Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda   
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!   

Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde. Hierboven vind je de video-uitleg van §5.5 Hoek berekenen met goniometrie opgave 31 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video. Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
Succes verzekerd!

Met wiskundige groet,
Jurgen de Bont & Martijn Claassen & Bob Pruiksma, docenten Wiskunde onder- en bovenbouw