Wiskunde.netLogo Wiskunde


Uitwerking §5.D D-toets: opgave 1

Boek: Getal & Ruimte - Goniometrie VMBO 3 (deel 1) 13e editie, 2024

Video / Tekstuele uitwerking...


Antwoord / uitwerking:

C A B
De rechte hoek ligt bij \(C\).
Dus \(AB\) is de schuine zijde.
De rechthoekszijden zijn daarom \(AC\) en \(BC\).

a.
We kijken naar \(\angle A\).
De overstaande rechthoekszijde ligt recht tegenover \(\angle A\).
Dat is zijde \(BC\).

Dus: \[ \boxed{\text{zijde }BC\text{ is de overstaande rechthoekszijde van }\angle A} \]
b.
We kijken weer naar \(\angle A\).
De aanliggende rechthoekszijde ligt naast \(\angle A\), maar is niet de schuine zijde.
Dat is zijde \(AC\).

Dus: \[ \boxed{\text{zijde }AC\text{ is de aanliggende rechthoekszijde van }\angle A} \]
c.
We kijken nu naar \(\angle B\).
De overstaande rechthoekszijde ligt recht tegenover \(\angle B\).
Dat is zijde \(AC\).

Dus: \[ \boxed{\text{zijde }AC\text{ is de overstaande rechthoekszijde van }\angle B} \]
d.
We kijken weer naar \(\angle B\).
De aanliggende rechthoekszijde ligt naast \(\angle B\), maar is niet de schuine zijde.
Dat is zijde \(BC\).

Dus: \[ \boxed{\text{zijde }BC\text{ is de aanliggende rechthoekszijde van }\angle B} \]
Tip:
Tip 1. Kijk eerst waar de rechte hoek zit.
Tip 2. De zijde tegenover de rechte hoek is de schuine zijde.
Tip 3. Kies daarna de hoek waarvan je iets moet benoemen.
Tip 4. De overstaande rechthoekszijde ligt recht tegenover die hoek.
Tip 5. De aanliggende rechthoekszijde ligt naast die hoek, maar is niet de schuine zijde.
Examentip. Zoek altijd eerst de schuine zijde. Dan weet je sneller welke twee zijden de rechthoekszijden zijn.

Heb je een vraag of opmerking over deze uitwerking?
Laat ons weten wat je van deze uitwerking en Wiskunde.net vindt. Ben je tevreden? We horen het graag! Klik hier om je opmerking te plaatsen...
   
Opgave 1
Opgave 2
Opgave 3
Opgave 4
Opgave 5
Opgave 6
Opgave 7
Opgave 8
Opgave 9

Andere paragrafen:
5.1. Namen rechthoekszijden (1 t/m 7)
5.2. Hoek berekenen met sinus (8 t/m 14)
5.3. Hoek berekenen met cosinus (15 t/m 21)
5.4. Hoek berekenen met tangens (22 t/m 28)
5.5. Hoek berekenen met goniometrie (29 t/m 46)
5.6. Hoeken berekenen in ruimtefiguren (47 t/m 57)
5.7. Trainen op examenniveau (58 t/m 63)
5.D. D-toets (1 t/m 9)


Leerdoelen paragraaf: D-toets:
1. Rechthoekszijden benoemen
Ik kan vanuit een gevraagde hoek de overstaande rechthoekszijde, de aanliggende rechthoekszijde en de schuine zijde herkennen.
2. Sinus, cosinus of tangens kiezen
Ik kan bepalen welke goniometrische verhouding ik nodig heb om een hoek te berekenen.
3. Hoeken correct noteren en berekenen
Ik kan hoeken met drieletternotatie benoemen en onbekende hoeken met mijn rekenmachine berekenen.
4. Hoeken in situaties en ruimtefiguren berekenen
Ik kan uit een praktijksituatie of ruimtefiguur de juiste rechthoekige driehoek halen en daarmee een hoek berekenen.


Geef je mening aan ons:
Review
Tevreden? Laat het ons weten!
Schrijf een review...
Jurgen de Bont Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda   
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!   

Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde. Hierboven vind je de video-uitleg van §5.D D-toets opgave 1 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video. Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
Succes verzekerd!

Met wiskundige groet,
Jurgen de Bont & Martijn Claassen & Bob Pruiksma, docenten Wiskunde onder- en bovenbouw