Uitwerking §3.2 Hoeken in vlakke figuren: opgave 19
Boek: Getal & Ruimte - Drie dimensies, afstanden en hoeken VMBO 4 (deel 1) 13e editie, 2024Lid worden van wiskunde.net
Wil je deze volledige uitwerking bekijken? Dan heb je een account nodig op Wiskunde.net.
Meld je eenvoudig aan en krijg direct toegang tot alle stappen en uitleg.
Klik op Aanmelden om verder te gaan.
Wiskunde.net-team
Tip:
Tip 1. Gebruik eerst driehoek \(ABC\). De hoeken van een driehoek zijn samen \(180^\circ\).
Tip 2. De hoeken \(\angle B_1\) en \(\angle B_2\) zijn overstaande hoeken en zijn daarom even groot.
Tip 3. Aan de gelijke streepjes zie je dat \(BD=BE\). Driehoek \(BDE\) is dus gelijkbenig.
Tip 4. In een gelijkbenige driehoek zijn de twee basishoeken even groot.
Examentip. Kijk altijd naar streepjes op de zijden; daarmee kun je herkennen dat een driehoek gelijkbenig is en dus twee gelijke hoeken heeft.
Tip 1. Gebruik eerst driehoek \(ABC\). De hoeken van een driehoek zijn samen \(180^\circ\).
Tip 2. De hoeken \(\angle B_1\) en \(\angle B_2\) zijn overstaande hoeken en zijn daarom even groot.
Tip 3. Aan de gelijke streepjes zie je dat \(BD=BE\). Driehoek \(BDE\) is dus gelijkbenig.
Tip 4. In een gelijkbenige driehoek zijn de twee basishoeken even groot.
Examentip. Kijk altijd naar streepjes op de zijden; daarmee kun je herkennen dat een driehoek gelijkbenig is en dus twee gelijke hoeken heeft.
|
|
Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda
|
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!
Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde.
Hierboven vind je de video-uitleg van §3.2 Hoeken in vlakke figuren opgave 19 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video.
Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
|

Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda