Uitwerking §3.2 Hoeken in vlakke figuren: opgave 23
Boek: Getal & Ruimte - Drie dimensies, afstanden en hoeken VMBO 4 (deel 1) 13e editie, 2024Lid worden van wiskunde.net
Wil je deze volledige uitwerking bekijken? Dan heb je een account nodig op Wiskunde.net.
Meld je eenvoudig aan en krijg direct toegang tot alle stappen en uitleg.
Klik op Aanmelden om verder te gaan.
Wiskunde.net-team
Tip:
Tip 1. Omdat \(AB\parallel DC\), kun je schuifsymmetrie gebruiken om gelijke hoeken te vinden.
Tip 2. Gebruik driehoek \(ABD\) om \(\angle D_1\) en daarna \(\angle B_1\) te bepalen.
Tip 3. Aan de gelijke streepjes zie je dat \(DB=BC\). Driehoek \(DBC\) is dus gelijkbenig en heeft twee gelijke basishoeken.
Tip 4. Gebruik daarna de hoekensom van een driehoek om \(\angle B_2\) te berekenen.
Examentip. Kijk bij een figuur eerst naar evenwijdige lijnen en gelijke zijden; daarmee kun je vaak meerdere hoeken bepalen voordat je gaat rekenen.
Tip 1. Omdat \(AB\parallel DC\), kun je schuifsymmetrie gebruiken om gelijke hoeken te vinden.
Tip 2. Gebruik driehoek \(ABD\) om \(\angle D_1\) en daarna \(\angle B_1\) te bepalen.
Tip 3. Aan de gelijke streepjes zie je dat \(DB=BC\). Driehoek \(DBC\) is dus gelijkbenig en heeft twee gelijke basishoeken.
Tip 4. Gebruik daarna de hoekensom van een driehoek om \(\angle B_2\) te berekenen.
Examentip. Kijk bij een figuur eerst naar evenwijdige lijnen en gelijke zijden; daarmee kun je vaak meerdere hoeken bepalen voordat je gaat rekenen.
|
|
Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda
|
Welkom leerlingen op Wiskunde.net!
Op deze site vind je duidelijke uitlegvideo's gekoppeld aan jouw boek om jou verder te helpen met het mooie vak Wiskunde.
Hierboven vind je de video-uitleg van §3.2 Hoeken in vlakke figuren opgave 23 en links in het gele blokje (indien aanwezig), kun je de theorie bekijken in video.
Ben je nog geen lid? Klik dan hier...
|

Foto: Jurgen de Bont - Docent Wiskunde - Breda